Reisverhaal «La Gomera noord, oost en zuid»

La Gomera, een klein Canarisch eiland | Spanje | 2 Reacties 03 Maart 2025 - Laatste Aanpassing 03 Maart 2025

Donderdag bezoeken we Vallehermoso, letterlijk vertaald zeer mooie vallei.

Vallehermoso is onderlijnd

het gemeentehuis

Het dorp ligt op de samenvloeiing (toen er nog water was) van meerdere smalle valleien die samenkomen in de Barranco del Valle, de vallei van de vallei.
Nu wonen er nog 600 mensen, de helft van het aantal inwoners van 40 jaar geleden.
Dit is te zien aan de leegstand

Het dorp ligt op een stevige helling, de hoofdweg kronkelt zich door de smalle straatjes.
Momenteel in men een tunnel aan het maken om het verkeer onder het dorp te leiden.

Centraal in het lager gelegen gedeelte van het dorp is er een mooi plein, daarrond supermarkten, café’s, een bank en een ondergronds marktje van groenten en fruit.

enkele grote planten geven schaduw

mensen zitten op een bank te keuvelen, en zoals overal worden pleinen, straten en zelfs de grote wegen dagelijks onderhouden

Er is een grote parking. Wanneer we uitstappen ruiken we een bakkerij, even gaan kijken

vers gebakken koekjes, we mogen er een proeven … en we kopen een doos

de koekjes worden nog op de artisanale manier gemaakt, dus zeker zonder palmolie, noch kleurstoffen, noch bewaarmiddelen

Een wandeling door de autovrije straat leert ons dat de gemeente de ooit mooie woningen beetje bij beetje (heel sterk) renoveert en dat ze dan te huur aangeboden worden.

een gerestaureerde woning

vooral dichtbij het centrale plein zijn de woningen gerenoveerd

deuren zijn hier nog in hout(snijwerk). In vele andere gemeentes zijn de deuren in namaakhout, in kunststof

hier is nog werk, veel werk aan de winkel

mensen houden van planten bij hun woning

Links zien we steile trapstraatjes

Rechts ligt op een pleintje lager de kerk

het hoofd-altaar

een zij-altaar

We dalen nog eens straatje verder af, hier mogen auto’s rijden, echter ze moeten ok terugkeren

Aan de andere zijde van het centrale plein is er nog een straatje.

ook hier steile zijstraatjes, nu met planten

Roque Cano is hier nooit veraf

Daarna rijden we de vallei naar beneden, richting zee. Beneden is er een parkeerplaats, een grote speeltuin, een leegstaand groot gebouw, een zeezwembad zonder water, een picknick- en BBQ plaats….. en wat lager het keien en beetje (zwart) zandstrand

op 6 maart 1801 vond hier een zeeslag plaats tussen een Engels en een Frans oorlogsschip

De Mosca, het Franse schip, was in private handen. Het was in Bordeau uitgerust met 160 man en 18 kanonnen. Het doel was om bij de Canarische eilanden Portugese en Engelse schepen aan te vallen.
De HMS Diamond was een fregat met 270 mannen en 27 kanonnen aan boord. Het kwam in een eskadron aan op 3 maart 1801 en kreeg enkele dagen later de opdracht om de Mosca te onderscheppen. De Mosca zocht ’s nachts beschutting hier bij La Gomera. Die nacht besliste de Franse kapitein om het schip te laten zinken zo dat het niet in handen van de Engelsen kwam. Lokale milities hielpen de Franse bemanning om aan land te komen in La Gomera.

op de achtergrond Los Christianos de Tenerife

en natuurlijk ook overal bloemen

dichterbij het water staan deze zoutminnende planten. De kristallen op de randen van de blaadjes, zijn zoutkorrels die uitgescheiden worden

bij elke golf rollen de ronde keitjes op het strand, telkens wanneer de golf terug trekt, rollen ze weer richting zee

Links kunnen we nog wat verder, hoewel er een waarschuwingsbord staat ivm steenslag.
Er is een geasfalteerde weg, maar na even is de weg kapot door vallende rotsen

hier is het asfalt gedaan, een eind verder zien we terug stukken asfalt

Helemaal op het einde ervan zijn de resten van een kasteel Castillo del Mar, te zien.

het Castillo del mar op de achtergrond

Ooit was dit het verpakkings- en laadstation voor alle fruit dat vanuit Vallehermoso geëxporteerd werd. De vruchten werden in het gebouw gewassen, gewogen en gesorteerd. Vanop het dak werden de vruchten dan via een kraan naar het schip gebracht. Omwille van de sterke golven lagen de stoomboten een eind in zee, en was er dus een lange kraanarm nodig. Omwille van de valleien waren dorpen niet met elkaar verbonden en moest elke vallei zijn ‘haventje’ in volle zee hebben.

Niet alleen vruchten werden zo op een boot geladen, ook mensen die het moeizame, harde leven in de vallei niet meer zagen zitten, werden naar een schip gebracht. Velen emigreerden naar Amerika, de meeste kwamen nooit nog terug.

In 1957 echter heeft een reuzengolf de kraan en een gedeelte van de gebouwen verwoest. Het nodige geld om te herstellen ging echter niet meer naar de herstelling, maar werd gebruikt om over land wegen te bouwen.

Tegen de eeuwwisseling was er geld om het ‘kasteel’ te renoveren met staal en beton. Er werden dan ‘Vollemaanparty’s’ gehouden. Ondertussen staat het geheel weer te verkommeren.

Op de terugweg van het strand naar Vallehermoso komen we voorbij de plantentuin. Dat hebben we gelezen in de reisgids, er staat geen enkel bord ter plekke dat er naar verwijst. We houden halt, we kunnen binnen, maar een groot gebouw staat leeg, de planten krijgen geen water meer, maar de paden zijn nog te bewandelen en verschillende naambordjes zijn nog leesbaar.

de toegang tot de plantentuin, het toegangshek staat open

de enkele blaadjes aan de bomen zijn dor

een zeldzame boom met bloesem

er is een vijver met waterlelies

en palmen uit Zuid-Amerika

lokale palmen

een opuntia met verschrikkelijk veel stekels

er is nog een kleine poel waar toch steeds water invloeit en ook weer wegvloeit

hoog op takken nog enkele bloemen

Op de terugweg zien we vanop een soort pas voor ons Tenerife en de Teide

En achter ons La Palma

terug bij het appartementje kunnen we vandaag genieten van ons balkon. De zon schijnt na enkele dagen, weer tijdens de namiddag

We hoorden deze ochtend nog van de eigenares in Agulo dat de prijzen van woningen hier zo duur of duurder zijn dan in Duitsland, Nederland, … . Lokale inwoners kunnen geen eigendom meer kopen omdat de inkomens hier wel duidelijk lager zijn dan in Europa. Een gebouw waar enkel nog de muren (waarschijnlijk) overeind kunnen blijven, maar al de rest moet vernieuwd worden kost al gauw 380.000 euro ….

****

Van het noorden naar het oosten, we maken een wandeling naar de Ermita de Nuestra Señora de Guadalupe, een eindje ten noorden van San Sebastian.

kaart waarop het kerkje is aangeduid
Om er te komen rijden we door San Sebastian, waarna de weg door een dor maanlandschap verder gaat. Plots zien we een groot betonnen gebouw, een ziekenhuis? de gevangenis? Blijkbaar is hier een hotel-spa gebouwd, zeer luxueus, op een plek ver van de bewoonde wereld. Op de terugweg zien we 2 koppels stappen langs de weg, eindeloos in de zon….

Onderweg rijden we ook langs een grote parking. Hier kunnen mensen naar de Playa de Avalos. De parking is alvast gesloten zodat campers er niet kunnen verblijven.

We rijden nog verder tot we hoog boven de kust op het einde van de asfaltweg komen. Daar parkeren we.

een bord wijst op het gevaar voor vallende rotsblokken …

een ander bord vertelt ons dat we in een beschermd natuurgebied komen

Punta de Avalo, de zee ligt hier 138m dieper dan waar wij staan

de wandelweg is breed genoeg om er met een auto te rijden, dat is echter niet toegelaten voor wandelaars

in het begin is er aan de zeezijde van de weg een muurtje, later verdwijnt dat deels tot er enkel nog een paar grotere rotsblokken liggen om te beletten dat wandelaars of auto’s de diepte induiken

beneden op de vooruitstekende punt ligt de kapel

boven ons, kaarsrecht of zelfs overhangend, zijn er zwarte basaltrotsen. Daaronder ligt er een laag geel-rood-bruin gemakkelijker te verpulveren, minder sterk

Deze rood-geel-bruine laag wordt gemakkelijker uitgesleten, waardoor het basaltgesteente uiteindelijk geen steun meer heeft en naar beneden zal storten. Wandelaars moeten vooral opletten bij regen en wind, vandaag staat er een stevige wind!

het pad volgt de omtrek van de rotsen, meestal daalt het wat, een enkele keer stijgt het

door de sterke wind zijn er veel witte koppen op zee

hier zijn er al wat minder muurtjes, afsluiting met een stuk boomstam, dat door vallende stenen kapot gebroken wordt

is dit een maanlandschap?

en hier liggen witgeschilderde grote rotsblokken om de zijde van het pad aan te duiden

wat een contrast met het nationaal park, het groene noorden en westen…

bij nader toezien groeit er hier en daar toch een bloemetje of een plantje

erg onherbergzaam is het hier…

door erosie is er een vallei gemaakt, hier zijn al veel meer stenen naar beneden gerold…

basalt is altijd iets machtiger, groter, dan ander gesteente

de kapel op de punt, vooraf een steiger waar boten hun passagiers kunnen op- of afladen…

De bouw van de kapel gaat terug tot 1542, La Señora de Guadalupe is de patroonheilige van de vissers. Alleen wanneer het weer goed is, opent de kapel op de eerste zondag van de maand om 12u30. Er zouden kleine modellen van vissersboten te zien zijn, geschonken door vissers in nood die gered werden.
elke 5 jaar, laatst in 2023, wordt de madonna in een processie van schepen, naar San Sebastian gevoerd

in een hoek, nog een zijvallei met veel steenslag

vanaf de zijvallei loopt er een kleine waterleiding naar de kapel

een bijna verticale ader in het gesteente…

We komen bij het einde van de weg, nu is er een asfaltweg naar de kapel, enkel voor hulpdiensten. Het waait hier verschrikkelijk, we moeten ons letterlijk vasthouden om niet omver te waaien. Hier is immers een kaap. De weg naar beneden ligt in de volled wind, we blijven dan liever uit de wind boven

bij het einde van de weg, in de volle wind…

allez, dan toch nog even in de wind voor de foto…

even terug kijken…. stenen en stenen, toch wel heel wat anders

soms staan de rotsen kaarsrecht in zee

even terug kijken naar de kapel, ook het strandje beneden is te zien. Baden zal hier waarschijnlijk nooit interessant zijn

toch wel een bijzonder landschap om te wandelen, ondanks de wind er erg van genoten

Nog even in de tuin van de parador, geen wind en volop zon

6. het warme zuiden van La Gomera, Playa de Santiago

Via de westelijke route rijden we naar het zuiden.  Weg nr 3 maakt een lus van het westen naar het zuiden en vandaar van het zuiden weer naar het oosten

Playa Santiago is onderlijnd, ook de westelijke weg is aangeduid

Wanneer we zaterdag vertrekken in Agulo regent het net niet, er liggen wel plassen op straat. We vertrekken richting zuiden, de weg gaat door het nationaal park Garajonay. De wolken hangen er erg laag, we rijden door de mist en het regent stevig. Gelukkig hebben we bij de uitzichten een aantal dagen geleden als haalt gehouden, nu zie je letterlijk enkel wolken. De laagste temperatuur vandaag in Garajonay is 8°C …..

De weg nr 3, westelijk gedeelte, wordt heraangelegd. Hier en daar is er al een deel klaar, er moet enkel nog een bovenlaag asfalt op, op andere plaatsen rijden we nog op de oude weg. Wegen herstellen en nieuwe wegen aanleggen moet hier gebeuren terwijl het verkeer nog gebruik moet maken van de weg. Er is immers geen andere mogelijkheid om op vele plaatsen te komen.

Gelukkig wordt er vandaag niet gewerkt.

De zuidelijke helling van de berg La Gomera is langer en veel minder steil dan de noordelijke, oostelijke of westelijke hellingen. De weg gaat in grote bochten naar beneden, geen haarspeldbochten hier.

De regen en de wolken blijven ons vergezellen, maar minder intens. Pas als we bijna beneden zijn houdt de regen op en zien we blauwe lucht.

Omdat we afdalen overzien we het kleine vliegveld. Aan de ene zijde van de start/landingsbaan is er de zee, aan de andere zijde een diepe afrond. Het zijn slechts kleine toestellen die hier kunnen landen en opstijgen.

start/landingsbaan van de kleine luchthaven Playa Santiago, de enige luchthaven van La Gomera (https://diariodeavisos.elespanol.com/2023/06/aeropuerto-de-la-gomera)

Playa Santiago bestaat uit 4 wijken, waarvan enkel de wijk Playa aan de oceaan ligt. De 3 andere wijken liggen hoog.

Ons verblijf ligt in de wijk Playa, dat betekent echter niet dat we vlak naar het strand kunnen wandelen, het is nog een stevige klim om terug te keren

het appartementsgebouw waar wij beneden voor 2 dag wonen. De eigenares ziet er oud uit… ze is precies op dezelfde dag dan ik geboren….. ze is erg vriendelijk

gezien vanaf de pier, het aangename deel van Playa

het gedeelte van Playa dat tegen de rots ligt

Laguna, een hoger gelegen wijk

Voor de volgende wijk, wat geschiedenis: begin 20ste eeuw kwam de Noorse reder Thomas Olsen aan op La Gomera. Hij kwam kijken of hij zijn Britse concurrent op Tenerife en Gran Canaria, die tropische fruit (liet) kweken, niet de loef kon afsteken door op La Gomera nog meer fruit te (laten) produceren. In 1923 kocht hij samen met zijn Spaanse partner Alvaro Rodriguez Lopez alle waardeloze grond in het zuiden van La Gomera. Hij verkreeg ook een licentie om grondwater op te pompen. Al snel veranderde de waardeloze grond in een groen landbouwgebied. Uit omliggende dorpen werden landarbeiders aangetrokken, voor hen werden huizen gebouwd waar ze voor een klein bedrag in woonden. Het aantal inwoners in Playa Santiago steeg naar bijna 1000, er werd (door Olsen) een visfabriek gebouwd zodat de vangsten geconserveerd werden.
In 1978 nam een nakomeling van Thomas Olsen, de aandelen van de Spaanse partner over. Enkel de (zeer) rendabele takken van het bedrijf behield hij, de bananenplantages werden afgestoten. Avocado’s en papaya’s brachten meer op.

In 1986 was het grootste en beste hotel op La Gomera, Jardin Tecina (de derde wijk van Playa Santiago) een feit. Fred Olsen had zich op het toerisme geworpen. Wat later startte hij turismo rural, verblijven op het platteland. Hij bouwde 2 grote restaurants, waarvan dat in Las Rosas (bij Agulo) hét restaurant is waar de cruise-toeristen ’s middags hun lunch verorberen, terwijl ze bezig gehouden worden met optredens.

Bij zijn hotel hoort een grote golf. Fred Olsen had nog veel plannen, hier in het zuiden werd er op 2 miljoen vierkante meter (200 ha) landbouwgebied omgezet in bouwgrond.

Momenteel bezit Fred Olsen 5% van alle grond op La Gomera, slechts een klein percentage van zijn totaal vermogen (viskwekerijen in Maleisia, boortorens in Brazilië, off-shore windmolenparken voor de Schotse kust, …). Fred Olsen blijft echter als rederij actief.

Veerdiensten tussen de eilanden gebeuren door Fred Olsen (en door Naviera Armas), de rederij is ook eigenaar van dorpen, heeft de waterrechten, bananenplantages, …
Fred Olsen is de rijkste Gomero. Dankzij de rederij is La Gomera als toeristische bestemming op de kaart gezet.

Niet alle Gomeros zijn gelukkig met Fred Olsen, de enen verwijzen naar de welstand die er gekomen is, de andere naar het feit dat Gomeros enkel dienen om de rijkdom van Fred Olsen nog groter te maken…

de ganse wijk Tecina behoort tot het hotel (https://hotelesconencanto.me/hotel-jardin-tecina), voor 350-500€ kan je met 2 een nacht verblijven in een standaardkamer

Dat wat betreft de wijken

Wij maken een wandeling in Playa, het dorp is aangenamer en minder toeristisch dan Valle Gran Rey. De temperatuur is hoger, in de oceaan bij de stranden zwemmen mensen

Het zuidelijk gebied is erg droog, in Playa worden planten en bloemen van water voorzien

reuzegrote Hibiscus in allerlei kleuren..

 mooie gebouwen, goed onderhouden

een beeld van een visser, Playa Santiago was een vissersdorp (en is het nog steeds een beetje) toen Olsen hier aankwam

om bij de haven te komen is er een galerij, het sterke dak moet de weg beschermen tegen vallende rotsen. De muur van de galerij is beschilderd

alles in het teken van de visvangst

massa’s sardines, nadien ingeblikt in de Olsen-visfabriek

de grootte van de geschilderde mensen ….

geen kunstwerk … een boot waar openingen gemaakt zijn om plastiek doppen in te werpen…

vissersboot met kreeften (of langoesten) fuiken

enkele vissersboten die tonijn vangen met grote lijnen, niet met netten (om dolfijnen en walvissen te sparen)

Fred Olsen vaart enkele malen daags met een snelboot enkel voor passagiers tussen San Sebastian, Playa Santiago en Valle Gran Rey

voor ons is de haven, enkele plezierboten, enkele vissersboten en enkele malen per dag een snelboot

we keren terug, onderweg, in de rotsen, Ermita del Carmen, de patroonheilige die de vissers in nood moet bijstaan

het beeld

te zien aan de vele bloemen doet Señora del Carmen haar werk goed!

Playa geeft een erg verzorgde indruk. Het is een aangename plek, beperkt toeristisch

****

Vandaag zondag onze laatste echte bezoekdag op La Gomera

Deze nacht regende het in Playa Santiago, maar richting binnenland lijkt er toch wat blauwe lucht te zijn.

We vertrekken dus weer tijdig, het laatste gedeelte van de weg van gisteren terug omhoog, tot iets voorbij Alajeró

de start van de wandeling is met een blokje aangeduid

Hier start een korte (maar niet zo een eenvoudige) wandeling naar een unicum op La Gomera, een natuurlijke Drakenbloedboom, (Dracaena draco)El Drago of Drago de Agalán. Agalán is het kleine gehucht waar de boom staat. De drakenbloedboom is het symbool van Tenerife.

de eerste 50m is een lichte afdaling …

De drakenbloedboom is een eenzaadlobbige, deze planten hebben geen jaarringen, waardoor hun ouderdom niet kan bepaald worden. Eenzaadlobbigen zijn planten zoals o.a. grassen en palmen meet bladeren die evenwijdige nerven hebben, waarvan het aantal bloemblaadjes 3 of een veelvoud ervan is, en waar geen hoofdwortel, enkel bijwortels aanwezig zijn. De drakenbloedboom groeit zeer traag, na 10 jaar is ze hoogstens 1m hoog.

Wanneer de bast wordt ingekerfd of wanneer een blad wordt gekneusd, produceert de plant een soort rode hars, drakenbloed genoemd. In de oudheid dacht men dat het rde hars het bloed was van een draak ….

De oorspronkelijke bewoners van de Canarische eilanden, de Guanchen, gebruikten de hars om hun doden te balsemen, Italiaanse vioolbouwers voegen het nog steeds toe aan de lak waarmee ze het hout van hun violen behandelen.

hier kiezen we voor het rechter pad, het linker gaat immers niet naar de drakenbloedboom

Vanaf de parking is de plant niet te zien, het pad er naartoe is belegd met stenen, erg onregelmatig, maar het is duidelijk waar moet gewandeld worden.

Waar de afdaling wat te steil is zijn er een soort traptreden gemaakt. In de reisgidsen staat er dat men na een tiental minuten bij het uitzichtpunt is, maar de onregelmaat van het slechte soort stenen zorgt ervoor dat die korte tijd een utopie is.

kijken waar we de voeten zetten, zorgen dat de wandelstokken niet vast geraken tussen 2 stenen, … en af en toe halt houden om rond te kijken…

We zien bij het begin een schaapherder met zijn kleine kudde, langs de weg is er kleur door bloemen.

wolfsmelkachtigen hebben niet echt gekleurde bloemen, de bloeiwijze is geel-groenachtig

net zoals in de bergen dragen ook hier de schapen een bel zodat de herder zijn dieren herkent en terug vindt

de omgeving, met grijze wolken niet bijzonder aantrekkelijk

arme grond, vrij droog, plaats voor Opuntia’s, hier nog niet aangetast door de conchinille luis

veel droger, minder aantrekkelijk hier

het pad is dikwijls duidelijk te volgen, het daalt meestal in grote lussen

De afdaling tot het uitkijkpunt is ongeveer 100m, verder afdalen tot bij de plant is steiler, moeilijker en nog bijna 60m dalen.

bijna aan de drakenbloedboom …

Ik daal tot bij het uitzichtpunt, Stephan tot bij de plant.

vanaf het uitzichtpunt is de drakenbloedboom beneden bijna in het dal, goed te zien

het is een mooi exemplaar

Stephan op weg naar de drakenbloedboom

bij het uitzichtpunt is er een infobord over de drakenbloedboom. Links het blad, in het midden de vruchten, rechts de bloem

We lezen hier dat de oorsprong van deze plant niet bekend is, maar dat het mogelijk is dat vogels vruchtjes aten en de zaden hier met hun uitwerpselen brachten. Op het noorden van het eiland zouden drakenbloedbomen gestaan hebben, die vanaf Tenerife hier op dezelfde manier zijn gebracht. In de buurt van deze boom waren er 9 zoetwaterbronnen, die ervoor zorgden dat er genoeg vocht was om de zaden te laten kiemen.

Wat betreft de ouderdom, de in het wild voorkomende drakenbloedbomen krijgen un eerste vertakking wanneer ze 25 tot 35 jaar oud zijn. Strikt wetenschappelijk echter kan men aan de hand van het aantal vertakkingen helemaal niet weten hoe oud de drakenbloedboom is.

Wat betreft de bloeiperiode, normaal heeft de drakenbloemboom bloemen tussen oktober-november waarbij de laatste bloemen tot december te zien zijn. Men weet (?) echter, wanneer de plant bloeit in augustus bloeit, het volgende jaar uiterst droog zal zijn. En dan weet men nog dat wanneer de bloemen op bepaalde delen van de plant voorkomen, er een sterk verband is met de heersende winden.

de plant is ruim omheind om te beletten dat mensen hun neigingen om overal hun naam in te kerven, hier niet kunnen botvieren …

aan de hand van het aantal vertakkingen kan men proberen schatten (en compleet er naast zitten) hoe oud de drakenbloedboom is

de vallei biedt waarschijnlijk voldoende beschutting tegen winden, en ook de kleine hoeveelheid vocht die de drakenbloedboom nodig heeft

de vallei is duidelijk groener, er groeien ook palmen

Op onze terugweg naar de auto beginnen er grotere druppels te vallen, die al spoedig overgaan tot kleine hagelkorrels. Gelukkig zijn we dan al hoog, maar als we in de auto vluchten zijn we wel al kliedernat.

Op de terugweg stoppen we nog even in Alajeró. Deze plek is de hoofdplaats van het zuiden van La Gomera. De gebouwen zien er erg verzorgd uit, maar op één man na zien we er niets of niemand….

het gemeentehuis, een vrij nieuw gebouw

de parochiekerk San Salvador werd in de 16de eeuw gebouwd en is een van de beste voorbeelden van klassieke bouwkunst op het eiland. Tijdens de 17de eeuw werd de gevel van pilaren voorzien en tijdens de 19de eeuw werd de kerk binnenin volledig gerenoveerd

tussen de kerk en de begraafplaats staat er een grote boom die het plein de nodige schaduw geeft

meer zuidelijk is de heuvel ‘de Calvarieberg’ , het pad om naar de top te wandelen is duidelijk te zien, boven met de kapel voor de heilige Isidorius, de patroonheilige van de boeren. Elk jaar op 15 mei is er een bedevaart naar de kapel. Voor de oerinwoners was de heuvel een eredienstplaats. Er werden graven uit die periode bloot gelegd

mooie, goed onderhouden gebouwen

met tuinen vol bloemen

en bloesem aan de bomen

een balustrade met de samenvatting van alles waar Alajeró voor staat, de drakenbloedboom, de oceaan, een kapel en een koninklijke stad (zoals ze zichzelf voorstellen)

Bij de verdere afdaling naar Paya Santiago zien we regen overal, in de zee en op de bergen achter ons.

We kunnen nog net even buiten zitten voor ons boterhammetje, nadien begint het ook hier te regenen… voor de rest van de dag… om België terug gewoon te worden, alleen is het hier nog iets warmer.

Een andere vallei inrijden doen we niet meer, het is erg glibberig om nog ergens te wandelen en in de regen is het al evenmin aangenaam

****

Maandag is de eerste van onze 2 terugreisdagen. Vandaag maken we de boottocht naar Tenerife. We keken vroeger op de sites van Naviera Armas en van Fred Olsen om de uren te kennen voor de terugkeer uit San Sebastian. Maar dat blijkt dus dagelijks wel te veranderen. Er zou om 12u en om 14u een ferry zijn, maar de eerste gaat pas om 16u en de volgende om 17u. Gelukkig hebben we een dag voorzien voor de ferry.
Nog langs de esplanade in San Sebastian enkele malen op en neer gelopen, eerst in het zonnetje, uiteindelijk weer gietende regen.

De ferry komt al van El Hierro, het schip wiebelt veel meer dan bij de heenvaart, de zee is niet zo kalm.

Taxi’s staan er niet bij de vleet wanneer de ferry aankomt, de meeste mensen worden in groep met een bus opgepikt, misschien naar een verblijf, misschien naar de luchthaven (vlucht naar Duitsland). Na een kwartiertje zijn wij aan de beurt . De taxichauffeur is Venezolaan die hier al 9 jaar woont.
Voordeel is dat de Spaanse wereld erg groot is, en emigranten in Spanje geen vreemde taal meer moeten leren.
Ik lees dat Trump nu ook in de VS nog enkel Engels als voertaal wil, heel wat mensen echter hebben in de VS Spaans als moedertaal

We blijven 1 nacht in Buzanada, een dorpje op zuid-Tenerife, een eindje van de zee, dus geen toeristisch gedoe. We verblijven in een pension, maaltijd een vijftal minuutjes wandelen. Het restaurant Tio Julio (nonkel Jules) is echt voor de lokale mensen, wij zijn de enige toeristen

Morgen namiddag, op dinsdag vliegen we met Iberia, over Madrid terug.

Het is weer mooi geweest, veel gezien, gepraat, gehoord, bijgeleerd. La Gomera is een schitterend eiland, maar we ondervinden dat de 3 westelijke eilanden, La Gomera, El Hierro en La Palma bergen zijn en dus steil. Slechts enkele wandelingen zijn nog ‘eenvoudig’.

Hiermee eindigt ons verhaal La Gomera.

 

Print Friendly and PDF

 

 

 

 

Plaats een Reactie

Lieve Welkom terug. Precies op tijd want het wordt precies stormachtig ginds. Toch opnieuw mooie herinneringen! Geplaatst op 04 Maart 2025
Greta Welkom terug. De lente verwacht jullie Geplaatst op 04 Maart 2025

 

      
This site is only viewable in landscape mode !
Session Tracking